Wikia


Caudron G.4
G.4
Type Bommenwerper
Land van herkomst Frankrijk
Bouwfirma Caudron
Ontwerp René en Gaston Caudron
Productie (eerste vlucht / In gebruik / in dienst) 1915 / 1915 /
Gebruiker(s)
Specificatie

Afmetingen (lengte / spanwijdte / hoogte / vleugeloppervlak) 7,20 m. / 16,80 m. / 2,60 m. / 36,80 m²
Gewicht (leeg / max. startgewicht) 733 kg. / 1232 kg.
Motor(en) 2x Le Rhône 9c rotatiemotoren van 60 kW (80 pk) elk
Prestaties (snelheid / plafond / bereik) 132 km/u / 4300 m. / 3u30 vliegduur
Bewapening Een of twee 7,7-mm beweegbare machinegeweren plus - in het G.4B.2 model - maximaal 100 kg aan externe bommen
Bemanning 1
Gebouwd 1421
Gebruik (Landen) België, Colombië, Frankrijk, Finland, Italië, Portugal Roemenië, Rusland, Groot-Brittannië, Amerika, Venezuela

Doordat er geen effectieve verdedigende bewapening kon worden geïnstalleerd in de kleine Caudron G.3 en doordat dit type geen noemenswaardige wapenlading mee omhoog kon nemen, werd de tweemotorige Caudron G.4 ontwikkeld. Dit type verscheen voor het eerst in maart 1915. De G.4 leek veel op zijn voorganger, maar had een grotere spanwijdte en vier in plaats van twee roeren. Het vermogen werd geleverd door ofwel twee 60-kW (80 pk) Le Rhône motoren met half-ronde 'hoefijzer'-stroomlijnkappen, of twee 75-kW (100 pk) Anzani rotatie-motoren zonder kappen.

Er werden twee versies gebouwd: de Cau 4B.2 dagbommenwerper en het Cau 4A.2 artillerieobservatie- en verkenningsvliegtuig. In november 1915 trad het vliegtuig in dienst bij de Aviation Militaire. De G.4 was het eerste geallieerde tweemotorige type dat in aanzienlijke aantallen bij eerstelijnseenheden vloog. Echter, de toenemende verliezen in de zomer van 1916 leidde tot de terugtrekking van de Franse G.4B.2 (Cau 4B.2) bommenwerpers uit de frontlinie in de herfst van datzelfde jaar. De productie van de G.4 in Frankrijk kwam op een totaal van 1358 toestellen. De Britse RNAS kocht 55 exemplaren, 43 hiervan werden geïmporteerd en de andere twaalf werden gebouwd door de British Caudron Co. Ltd.

De Britse toestellen werden in 1916 en begin 1917 gevlogen door No. 4 en 5 Wing van de RNAS, voor aanvallen op Duitse watervliegtuig- en luchtschipbases in België. Eén van de belangrijkste raids werd in februari 1917 ondernomen door No. 7 Squadron in de regio rond Brugge. De Italiaanse Aeronautica Militaire ontving geïmporteerde G.4's en 51 exemplaren die in Italië waren gebouwd. De G.4's werden ook geleverd aan de Keizerlijke Russische luchtvaartdienst, waar ze in de verkenningsrol werden ingezet.

Het type werd ook gebruikt bij een aantl belangrijke naoorlogse recordvluchten en enkele honderden toestellen werden na de Eerste Wereldoorlog verkocht aan privé-eigenaren en vliegclubs in Frankrijk en Italië.